Slijtvaste hogetemperatuurmortel

beschermen waar hitte en schurende slijtage samenkomen

In een bunker of stortgoot raakt grof materiaal steeds opnieuw dezelfde zone. Een harde bekleding kan de schurende slijtage weerstaan, maar bij zware impact plaatselijk breken. Slagvaste impactplaten combineren daarom harde en elastische materialen. Niet om iedere inslag met meer hardheid te beantwoorden, maar om de impactenergie gecontroleerd op te nemen. 

WearProtect SM kan op locatie worden gespoten, gegoten of met de troffel worden aangebracht. Het is ook leverbaar als prefab vormdeel. De keuze wordt niet alleen door de temperatuur bepaald, maar ook door vorm, laagdikte, verankering, droogtijd en onderhoudsvenster. 

Het doel is niet om ieder heet installatiedeel met mortel te bekleden. 

Het doel is een dichte, goed verankerde slijtlaag te maken die de thermische én mechanische belasting tijdens bedrijf verdraagt. 

Wat is slijtvaste hogetemperatuurmortel? 

WearProtect SM bestaat uit slijtvaste anorganische materialen in een cementgebonden matrix. Micro- en nanosilica vullen de poriën tussen de cementdeeltjes. Daardoor ontstaat een dichte structuur met een hoge drukvastheid en weerstand tegen schurende slijtage. 

Volgens de productinformatie kan het materiaal, afhankelijk van uitvoering en toepassing, worden ingezet tot 1200 °C. Die bovengrens is geen automatische vrijgave voor iedere constructie. Verankering, laagopbouw, droogproces, opwarmsnelheid en temperatuurwisselingen bepalen mede wat technisch verantwoord is. 

Het materiaal kan als natte mortellaag worden aangebracht of als prefab onderdeel worden voorbereid. Een aangebrachte laag volgt complexe vormen en reparatiezones. Prefab elementen verplaatsen een deel van het maakproces naar een gecontroleerde omgeving en kunnen de montagetijd op locatie beperken. 

Hittebestendigheid is een eigenschap. Een beheerste opbouw maakt er een oplossing van. 

Eerst de volledige belasting vaststellen 

Een hete materiaalstroom veroorzaakt niet overal dezelfde slijtage. In een bocht, overgang of instroomzone kan het medium de wand onder een andere hoek raken en plaatselijk veel meer materiaal afnemen. 

Daarom kijken we onder andere naar: 

  • de bedrijfs- en piektemperatuur; 
  • de snelheid van opwarmen en afkoelen; 
  • het medium, de korrelgrootte en de materiaalhardheid; 
  • de snelheid, richting en invalshoek van de materiaalstroom; 
  • de verhouding tussen schurende slijtage en impact; 
  • de staat, vorm en uitzetting van de onderconstructie; 
  • de benodigde laagdikte en verankering; 
  • de beschikbare droog- en uithardingstijd; 
  • de bereikbaarheid voor aanbrengen, inspectie en reparatie. 

Op basis daarvan kiezen we niet alleen het materiaal, maar ook de applicatiemethode en detaillering. Een goede mortel op een verkeerde verankering blijft een kwetsbare bekleding. 

Waar gebruiken we WearProtect SM? 

WearProtect SM wordt gebruikt in installaties waar minerale of poedervormige stromen bij verhoogde temperatuur schurende slijtage veroorzaken. 

Voorbeelden zijn: 

  • ontstoffingsleidingen van klinkerkoelers; 
  • poederkoolbochten; 
  • hete buizen en leidingen; 
  • procesdelen met complexe vormen; 
  • reparatie van abrasief belaste ondergronden; 
  • prefab vormstukken voor snel vervangbare delen. 

Ook buizen met een diameter vanaf circa 40 mm kunnen worden bekleed. Bij kleine diameters worden verwerking, verdichting en controle echter steeds bepalender. De bereikbaarheid van het oppervlak moet daarom vooraf worden meegenomen. 

Spuiten, gieten, troffelen of prefab 

Spuiten is geschikt wanneer een aaneengesloten laag over een groter of grillig oppervlak nodig is. Gieten past bij vormen waarin het materiaal goed kan worden opgesloten en verdicht. Met de troffel kunnen plaatselijke zones en reparaties worden opgebouwd. 

Prefab vormstukken kunnen worden voorzien van draadeinden en vooraf onder beheerste omstandigheden worden gemaakt. Op locatie draait het dan vooral om passing, aansluiting en bevestiging. Dat kan waardevol zijn wanneer het onderhoudsvenster kort is. 

De applicatiemethode volgt uit de constructie. Niet uit gewoonte. 

Drogen en opwarmen horen bij de montage 

Cementgebonden materiaal bevat vocht. Dat moet gecontroleerd kunnen verdwijnen. Te snel opwarmen kan dampdruk en schade in de laag veroorzaken. Daarom horen droogtijd en opwarmprotocol bij het uitvoeringsplan, net als verankering en laagdikte. 

Wivé kan het installatiedeel inmeten, de slijt- en temperatuurzones beoordelen en de bekleding uitwerken. Daarna bepalen we mengsel, verankering, applicatiemethode en planning. Na ingebruikname beoordelen we waar mogelijk scheurvorming, hechting, slijtageverdeling en aansluitingen. 

Een hittebestendige laag moet niet alleen bestand zijn tegen de vereiste temperatuur. De laag moet na het opwarmen ook duurzaam gehecht blijven. 

Beheerst drogen en opwarmen bepalen of de laag duurzaam gehecht blijft. 

Onze producten vinden hun toepassingen in de meest uiteenlopende takken van industrie. Overal waar slijtage optreedt, kan Wivé bijdragen aan slijtagebescherming en daarmee standtijdverlenging. Ook in úw processen? Vast en zeker. Neem contact op voor een kennismaking met onze experts in slijtagebescherming, of vraag meteen een offerte aan!